Het is dinsdagochtend om 10:00 uur. De meeting is net begonnen. In deze meeting zitten Arthur, Stefan, Casper en Victor.
Het is een meeting die de dag ervoor door Arthur is ingeschoten. Er leek wat spoed bij te zitten. Maar wat de spoed precies was, dat was voor zowel Stefan als Casper niet duidelijk.
Arthur heeft de meeting net geopend met de vraag hoe iedereen erin zit. Stefan heeft net geantwoord dat hij er op zich goed in zit. Ook Casper geeft aan dat hij er goed in zit, ondanks dat hij toch wat spanning in zijn buik voelt. Victor heeft met veel vertrouwen aangegeven dat hij er uitstekend in zit.
Arthur is de enige die heeft aangegeven dat hij er heel slecht in zit, omdat zijn afdeling in brand staat. Zijn team functioneert namelijk het slechtst van alle andere teams. Arthur wil dan ook weten van Stefan en Casper hoe dat kan. Victor zit erbij, omdat de manager van Arthur en Victor Arthur heeft gevraagd om Victor erbij uit te nodigen, zodat Victor tips kan geven hoe het team wel optimaal kan functioneren.
Hij voelt dat hij nu moet antwoorden en dit geeft hem stress.
Arthur begint bij Stefan en vraagt aan hem: “Stefan, hoe komt het dat wij slechter presteren dan het team van Victor? Jullie hebben aangegeven dat jullie heel hard werken en dat het team van Victor de kantjes ervan afloopt. Dan snap ik niet hoe wij dan zo slecht presteren.”
Stefan moet slikken. Hij schrikt ervan dat Arthur nu zegt dat wij gezegd hebben dat het team van Victor de kantjes ervan afloopt. Het is Arthur die deze aanname de wereld in heeft geholpen en wij hebben het alleen maar bevestigd. En nu lijkt het alsof wij deze aanname de wereld in hebben geholpen. Stefan kijkt naar Victor, hoe Victor reageert. Victor lijkt niet boos om deze opmerking van Arthur. Stefan stamelt: “Uh, uhm. Wij hebben niet echt gezegd dat het team van Victor de kantjes ervan afloopt. Wij hebben meegedacht met jou wat de reden kan zijn dat het team van Victor beter presteert. En op jouw verzoek heb ik een rapportage gemaakt van wat het team van Victor zoal doet en met name met betrekking tot de kwaliteit, omdat het vermoeden was dat zij geen goede kwaliteit leveren.”
Arthur reageert hierop met: “Dus ondanks dat we in brand staan met onze afdeling, ben jij lekker vrolijk bezig gegaan met jouw rapportage. Dan snap ik wel dat wij minder functioneren dan het team van Victor. Als we 1 persoon minder hebben om het werk te doen, dan wordt het lastig. Stefan, jij hebt hierdoor jouw team in de steek gelaten. Wat vind je daar nu van, Stefan?”
Stefan reageert met: “Ik heb gewoon mijn werk gedaan en de rapportage heb ik zelfs in mijn weekend gemaakt.” “Jij hebt niet gewoon je werk gedaan, Stefan,” zegt Arthur. “Jij hebt jouw team in de steek gelaten en daardoor functioneren we minder dan het team van Victor. En daarnaast vind ik het niet normaal dat je de schuld op mij probeert af te schuiven, omdat je van mij een rapportage moest maken. Maar dat ontslaat jou niet van jouw verantwoordelijkheid om het teamwerk op te pakken. Dus neem je verantwoordelijkheid een keer!”
Arthur vraagt nu aan Casper: “Casper, wat vind jij er nu van dat dankzij Stefan wij als team de doelstellingen niet behaald hebben?” Casper schrikt van deze vraag. Hij krijgt het warm en weet niet goed hoe te antwoorden. Door zijn hoofd gaat nu dat wat hij ook zegt, zowel Stefan als Arthur niet blij met hem zullen zijn en dat maakt dat hij dan voelt dat hij niet goed genoeg is. En hoe zal Victor dan wel niet reageren. Casper blijft stil in de hoop dat Arthur de vraag aan iemand anders stelt. Arthur zegt: “Casper, ben je je tong verloren! Ik blijf net zo lang stil totdat jij iets zegt.” Casper voelt nu de druk om te antwoorden. Hij voelt dat hij nu moet antwoorden en dit geeft hem stress. Hij antwoordt met zachte en weifelende stem: “Ondanks dat Stefan een opdracht van jou heeft gehad, Arthur, denk ik wel dat Stefan ook het andere werk had moeten doen om ervoor te zorgen dat we meer mensen hadden om de teamtargets te halen. En misschien had Stefan ook kunnen aangeven bij jou, Arthur, dat hij de andere opdracht dan even niet zou doen.” Casper voelt zich opgelaten door het antwoord dat hij net heeft gegeven en krijgt een rood hoofd. Hij durft Stefan niet aan te kijken. Stefan krijgt het op zijn beurt warm en antwoordt: “Ik zal voortaan dan naar jou toe komen, Arthur. Dan geef ik aan dat ik de andere opdracht die niets te maken heeft met de teamtargets nog niet maak. Ik wil mijn excuses aanbieden dat ik het team in de steek heb gelaten.”
Arthur zegt: “Dit is de laatste keer dat dit zo gaat, Stefan. De volgende keer krijg je echt een officiële waarschuwing.”
Victor pakt de gelegenheid en zegt: “Stefan, ik snap wat de reden is dat je wat minder tijd hebt besteed aan het teamwerk, aangezien jij een andere opdracht ook hebt gehad van Arthur. Arthur, ik vind het dan ook niet eerlijk dat je alleen Stefan de schuld geeft dat de teamresultaten niet zijn gehaald. Jij vraagt van je teamleden dat zij hun verantwoordelijkheid nemen, maar geef het goede voorbeeld en pak ook jouw eigen verantwoordelijkheid. En Casper, ik voel dat jij eigenlijk een ander antwoord zou willen geven dan je net hebt gedaan. Voel je vrij om jouw eigen mening te geven! Wat vind jij nu echt van de situatie, Casper?”
Casper voelt dat zijn hoofd rood wordt. Hij voelt de angst om te antwoorden in het bijzijn van Arthur, omdat hij bang is dat Arthur heel boos op hem wordt. Hij voelt ook de veiligheid die Victor uitstraalt, vooral ook door Arthur aan te spreken op zijn verantwoordelijkheid. Casper zegt zachtjes: “Wat ik echt vind? Ik vind dat je Stefan weinig kan verwijten. Hij heeft hard gewerkt om de rapportage af te maken en heeft daar zelfs zijn weekend voor opgeofferd.”
Arthur reageert furieus: “Wat is dit nu weer? Wat probeer je nu, Victor? Wil je mijn teamleden tegen mij opzetten? Ik ben de enige hier die verantwoordelijkheid neemt. Er komt uit mijn team helemaal niets dan alleen excuses. En jij Casper? Wat weet jij nou met je dat ik Stefan niets kan verwijten?”
Ik ben er juist om ervoor te zorgen dat ook jij je veilig voelt
Victor antwoordt: “Arthur, reageer niet zo defensief. Ik wil het beste voor jouw team. Ik wil dat jouw team zich veilig voelt om hun werk goed te doen. En Casper geeft nu zijn mening en dat mag hij geven. Daar kan jij als teamleider alleen maar van leren om jouw werk nog beter te kunnen doen. Waar ben jij nu echt bang voor, Arthur?”
Arthur reageert hierop: “Wil je weten waar ik bang voor ben? Ik ben bang dat ik door jou de controle verlies over mijn team. Het ging goed totdat jij hier kwam werken.”
“Ik ben hier niet voor om ervoor te zorgen dat jij de controle verliest,” antwoordt Victor. “Ik ben er juist om ervoor te zorgen dat ook jij je veilig voelt, net als de anderen, zodat ook jij kan en durft te groeien, Arthur. En groei is te bereiken door samen te werken en niet tegen elkaar te strijden.”
Arthur valt stil en weet niet goed wat hij nog kan zeggen hierop. Hij laat het hierbij en sluit de meeting af.
Herken jij jezelf in deze dynamiek? Ben jij zoals Stefan, die alles doet voor Arthur en vervolgens erachter komt dat niets voor Arthur goed genoeg is? Of ben jij zoals Casper die zich onder druk voelt gezet om te antwoorden, en dan het antwoord geeft waarvan hij denkt dat Arthur het wil horen? Ben jij er klaar mee om constant het gevoel te hebben dat je niet goed genoeg bent ongeacht wat je doet? Ben jij er klaar mee om iedere keer weer politieke antwoorden te geven uit angst dat je buiten de boot valt en anderen zien dat je niet goed genoeg bent?
Wil jij jouw patronen van pleasen en politieke antwoorden geven doorbreken?
Kijk dan hier wat je kan doen om bewust te worden van deze patronen om ze vervolgens te kunnen doorbreken:
https://authenticshadow.com/regie/
